De Kemppion 1 – HMC Calder 4: 5-3

Door Koos Hendriks

Voordat we naar Steensel afreisden hadden we al een voorsprong van 1 – 0. Cees had, met de witte stukken, aan het 3e bord de week ervoor vooruit gespeeld op de interne clubavond.  Zijn tegenstander koos voor een Hollandse opening  en zette druk langs de F-lijn met verdubbelde torens en de dame. Het zag er op het eerste gezicht dreigend uit en ik zou mijn geld toen zeker op zwart hebben gezet. Enige zetten later echter kwam wits paard opzetten en ging een van de zwarte torens plus een pion verloren en kon zwart meteen enigszins gedesillusioneerd opgeven! Na afloop tijdens de analyse liet Cees fijntjes zien dat het zwarte overwicht slechts schijn was geweest, dat wit alles onder controle had en dat zwart in feite niet veel had kunnen inbrengen tegen een langdurig initiatief van wit zelfs als hij geen kwaliteitsverlies had geleden. Een prima overwinning en keurig binnen de tijd. Of zoals Brent na afloop opmerkte: “als Cees niet in tijdnood komt dan wint hij gewoon”.

In Steensel was onze voorsprong echter al meteen teniet gedaan. Tonnie was niet komen opdagen en onbereikbaar. Hij bleek zich een weekend vergist te hebben, dacht dat de wedstrijd een week later was en had zelfs kinderopvang geregeld voor de week erna!

Het eerste klaar was Chiel aan bord 8. Hij speelde met zwart de Chesnikov  en het werd een woeste aanvalspartij met veel “vuurwerk” zoals Bart het tijdens de partij noemde. Chiel leek lang de beste papieren te hebben met een gevaarlijke aanval op de witte koningsstelling maar ging zich in zijn jeugdige enthousiasme  zo voortvarend naar voren met zijn stukken dat hij de veiligheid van zijn eigen koning uit het oog verloor. Toen zwarts aanval niet doorzette werd zijn koning door de witte torens mat gezet.

Bert aan het 4e bord kreeg met de zwarte stukken al vroeg in de opening de witte dame met paard op bezoek bij zijn koning en kon mat op F7 slechts ternauwernood voorkomen! Dit alles ging ten koste van een pion, een koning die kwetsbaar op D7 stond en een stelling die “pijn aan de ogen deed” zoals zijn buurman Rino opmerkte. Bert bleef echter doodkalm en met degelijke zetten probeerde hij langzaam onder de druk uit te komen. In het middenspel had Bert zijn koning inmiddels in veiligheid weten te brengen en was het ineens de witte dame die kwetsbaar stond. Wit had dit niet in de gaten en zowaar kon Bert de vijandelijke dame insluiten en zo de winst pakken.

Zelf speelde ik op bord 7 met wit een matte partij. In een Siciliaan deed ik F3 waar F4 actiever en beter was geweest en zag ik een vervelende dubbelaanval van de zwarte dame resulterend in pionverlies over het hoofd. Mijn paard stond kwetsbaar en mijn loper slecht. Bekwaam werd mijn passieve stelling door mijn tegenstander verder uitgebuit en toen ik in wanhoop wilde uitbreken om mijn loper actief te maken kon ik na stukverlies meteen opgeven.

De beste partij van de dag werd gespeeld door Rino die met zwart aan het 2e bord speelde. Hij zette de partij actief op en kreeg in de opening een sterk paard op E4. Dit alles resulteerde in pionwinst en alhoewel wit later in de partij op zijn beurt een sterk paard tegen een minder zwarte loper kreeg wist Rino de partij bekwaam naar een toreneindspel met 2 pionnen voorsprong te loodsen. Toen zwart dit tot een vrij verbonden pionnenpaar wist uit te bouwen gaf wit op. Achteraf dacht Rino dat zijn tegenstander ergens remisekansen had laten liggen hetgeen echter niets afdoet aan deze uitstekende overwinning.

Wim speelde met de witte stukken aan het 5e bord en zette een prima aanval op tegen de vijandelijke koning. Zwart leek te gaan bezwijken onder de gezamenlijke druk van de witte dame, loper en paard. Een onzorgvuldigheidje van Wim resulteerde echter in een vervelend vorkje van zwart hetgeen leidde tot stukverlies en minder aanvalsdruk. Toen Wim enige zetten later een onzorgvuldigheidje van zijn tegenstander over het hoofd zag, hij had via een familieschaak het stuk terug kunnen winnen, streed hij voor een verloren zaak. Hij wist desondanks de partij nog lang te rekken maar werd uiteindelijk mooi mat gezet op de onderste rij.

Een waar drama speelde zich af aan het 6e bord waar Bart de zwarte stukken voerde. Zoals gewoonlijk ging Bart voortvarend en vlug in de aanval voortdurend met alle stukken op het bord complicaties scheppend en druk uitoefenend op de witte koning. Het werd een wilde knokpartij waaruit Bart na allerlei schermutselingen in het middenspel tevoorschijn kwam met een toren en 2 pionnen voorsprong tegen een paard. Hierna had Bart de winst waarschijnlijk meerdere malen voor het grijpen, inclusief een (moeilijk) mat in drie zoals Chiel na afloop liet zien, echter zijn tegenstander was uitermate taai en inventief en wist zowaar allerlei tegendreigingen tegen de zwarte koning te creeren. Waar eenieder, inclusief Bart zelf, voor vreesde werd bewaarheid. De partij mondde uit in een fysieke uitputtingsslag en hier was Barts 40 jaar jongere en fitte tegenstander duidelijk in het voordeel. Uiteindelijk kantelde de partij en moe gestreden gaf Bart op in een stelling die wellicht nog enige (schimmige) kansen op remise had gehad hetgeen echter voor Bart fysiek niet meer was op te brengen.

Al met al een nederlaag, alhoewel tegen een op papier veel sterkere tegenstander, die achteraf gezien toch enigszins ongelukkig en wellicht onnodig was geweest.  Een gelijkspel was een rechtvaardiger uitkomst geweest.

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>