De Narrenmat

Door onze topcolumnist Mari van Ooijen

De carnaval staat dit jaar al vroeg voor de keukendeur. In oeteldonk wordt Amadeiro XXV binnenkort als een prins onthaald. Op het bordes van het stadhuis neemt hij ontroerd met confetti in zijn ogen de ambtsketen uit handen van burgemeester Rombouts in ontvangst. Drie dagen lang staat dan de vrolijkheid hoog in het rood-wit-gele vaandel. Knillis krijgt in zijn blauwe boerenkiel  een prominent plekje op de markt, van waaruit hij ongetwijfeld massa’s vrolijk uitgedoste mensen aan zich voorbij ziet trekken, de meesten richting een horecagelegenheid.

Ook achterafzaaltjes in Krabbegat, Bokkendonk, Zandhazendorp en andere gemeenten met een eigenaardige naam puilen uit. Tonpraoters proberen daar verkleed als brandweerman, dokter putjesschepper, schoolmeester, postbode, generaal , kermisexploitant of wat dan ook met kwinkslagen de lachers op hun hand te krijgen. Ik heb in de loop der jaren al heel wat buutreedners voorbij zien komen. Een schaaktypetje heb ik echter nooit gezien. Wat is daar de reden van? Zou het komen omdat aan schaken het imago kleeft, dat die sport uitsluitend wordt beoefend door dooie dienders, saaie pieten en droogkloten. Dat vooroordeel komt niet zomaar uit de lucht vallen! Wie zit er nou de hele middag met een rood hoofd zwijgend en bewegingsloos naar een bord met een paar houten poppetjes te gluren? Daar komt bij dat lachen taboe is! Als iemand daartoe het gore lef heeft, wordt hij meteen door omstanders vermanend toegesproken of venijnig aangekeken. Schaken wordt bovendien door leken gezien als een reuze ingewikkeld spel. Kijk hier bijvoorbeeld eens naar de buut van Rob Schepers, die als Ben van Daal zijn maat Lodewijk op onorthodoxe wijze schaakmat zet.

Vrijdag 5 februari 2016 wordt er op de clubavond van HMC een kolderavond georganiseerd. Een uitgelezen kans om het image van de schaker als droogstoppel eens bij te stellen. Hierbij een aanzetje om die avond in carnavaleske sferen door te brengen. Laat tussen de partijen door enkele spelers, omringd door schaakborden, een buut houden. De zaal dient sfeervol te worden aangekleed met bloemetjesgordijnen, ballonnen en serpentines. Een hoempaorkest hoeft niet per se uitgenodigd te worden, maar “Geef mij de liefde en de gein” van “De twee Pinten” is een must. Laat die hit regelmatig door de zaal schallen. Liefst knoerthard. Aangezien het kort dag is, adviseer ik de organisatie om de volgende schakers persoonlijk te benaderen voor het houden van een buut. Te beginnen met Cees Nuijten! Die man hoeft niet eens iets te zeggen. Cees fietst in een zwart-wit geblokt tenue een paar rondjes door de zaal. Fietshelm op, een paar pionnekes in elke lichaamsopening en iedereen ligt in een deuk, zeker als hij enkele tafeltjes omver rijdt. Als je Cees een beetje kent, weet je dat hij dat niet expres doet!

Bert Kramer houdt als schakende broeder een hilarische preek. Over zijn avonturen in de onderbond kan hij een hele missaal volschrijven. Misschien is het een idee dat Broeder Bert, de penningmeester van HMC, een openbare biecht afneemt; we zijn tenslotte in “De Biechten”! Als penitentie legt BB dit keer geen drie Weesgegroetjes op, maar drie Rondjes, die door de schatbewaarder uit eigen zak betaald moeten worden; op kosten van de club wordt oogluikend toegestaan. Absolutie een succes!

René Olthof mag natuurlijk eveneens niet in de ton ontbreken. Hij is in staat smeuïg te vertellen over de rare snuiters, die hij voor zijn camera heeft gehad. René zou kunnen beginnen met het maken van een selfie! Wedstrijdleider Tom verhoeven overhandigt de buutreedner na zijn optreden een bul, waarop een diagram met het narrenmat is afgebeeld. Wedden dat de kolderavond voortaan op de kalender wordt gezet!

Uitbundige groeten enneh …

Zak ‘s lekker door!

Sjaak Mad

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>