HMC Calder 3 en De Stukkenjagers 4 spelen gelijk

Door Bert Kramer

De regel in het derde is kort en bondig: Wie het eerste klaar is, schrijft een verslag. Inderdaad hij weer. Over mijn partij kan ik kort zijn. Mijn tegenstander antwoordde op e2-e4 met d7-d5. Voor zover mijn openingenkennis reikt staat dit in de boeken als scandinavisch. In de onderbond kun je spelers op het verkeerde been zetten door op zet 2 het paard naar c3 te loodsen. Van tijd tot tijd werp ik een blik in een boekje van de heer D.D. van Geet: vingeroefeningen in het ontregelen van clichématig doen van openingszetten.  Theoretisch ga ik ietwat ontheemd door het leven. Hoe dit te compenseren? Immanuel Kant’s advies zelf nadenken is aan mij wel besteed. Maar wat te denken als de basis smal is? Bovendien het boekje van de heer D.D. van Geet is aan de dunne kant.  En toch mijn tegenstander was al snel de weg kwijt in al dat maffe hout hetgeen mij een pion opleverde. Ik dacht dat wij uit de theorie waren. Ik kan mij nauwelijks voorstellen dat de Alzheimerachtige zetjes van grandioos geformuleerd een soort Geert Wilders aanpak in een quasi arisch ogende skandinavische opzet op enige theoretische basis kan steunen. Kern van de zaak: de koning is de Marokkaan van het bord. Het was pijnlijk voor mijn tegenstander dat zijn koning de Marokkaan was. Mijn stukkenjager verdween bij herhaling van het bord om met alle symptomen van een post-anale depressie terug te keren. Aanvankelijk dacht ik: Quo vadis rare quibus? Maar ja koffie en bij herhaling een potje peuken dat wil wel laxerend werken. De details laat ik aan de fantasie en inlevingsvermogen van de lezer over. En zo stond het voor drieën 1 – 0 voor ons.

Nauwelijks was dit genoteerd of onze man op bord 1 alias Blanke Willem scoorde een halfje let wel een halfje wit. Hij was op slag verdwenen, fluisterde nog iets in mijn  oor. Tevergeefs. Geen flauw idee wat er op zijn bord heeft afgespeeld. Hoge of lage tonen geen probleem maar met zachte stem iets intiems toevertrouwen in de oren fluisteren ontgaat mij. Hoeveel buitenechtelijk amusement mij hierdoor is ontgaan, zal ik hier niet te berde brengen.

Chiel, bord 3, plus pion idem dito halfje wit. Chiel afgeleid van Michiel ofwel Michael in goed Hebreeuws: Wie is als God? Onze jonge god op bord 3 verdween spoorslags. Zijn tegenstander meende  ik nog te kennen van de bekerwedstrijd van het afgelopen seizoen. Destijds werd ik een beetje dol van die man. Er is iets met zijn atlas en draaier, de nekwervels dus. De man draait bij herhaling met zijn schedel. Ik had destijds in mijn auto op het dashboard een hondje geplakt. Het beestje had  een wiebelend kopje althans bij het rijden. In stilstand hield hij dat nog een tijdje vol. Agenten die mij beroepshalve aanhielden waren altijd een moment gefixeerd door het schommelen van de schedel hetgeen mij de gelegenheid gaf over een openingszin na te denken. Leuk hè, stoned en toch niet blaffen. Of: het is toch nog beroerd afgelopen hè met die agenten……..vult u maar in. Maar een stilzittende tegenstander met zo’n wiebelend hoofd en weg was Chiel.

Naast mij zat Cees N., de sympathieke oud-voorzitter, te kreunen en te zuchten. Zijn  tegenstander zo’n post-puberaal bejaardenvretertje had tegen hem een stuk geofferd. De correctheid was niet duidelijk maar stelde hem wel voor de nodige problemen. Cees wilde de knaap nog deze middag aan een meer vegetarisch dieet helpen, bij voorkeur voor altijd. Uiteindelijk kon Cees na oeverloos laveren zijn punt maken.  Stand 1-3 .

Onze opstelling week iets af. Onze teamleider had Rino willen opstellen. Echter de man was geveld door een uitheemse ziekte. Cees N. kon het nauwelijks bevatten. Rino ziek? Rino gaat door voor ijzersterk. Als wij goed zijn ingelicht jarenlang vrijwilliger geweest bij de Lutherse Brandweer. Kom daar maar eens om. Kijk bij de Calvinistisch georiënteerde spuitgasten wordt een al dan niet uitslaande brand in meer gepredestineerde termen begrepen en benaderd. De praktijk komt concreet neer op het nat houden van belendende percelen. Kortom een makkie. De achterliggende theologische motieven steunen op Exodus 3 waar de Eeuwige Mozes aansprak vanuit een brandende braamstruik. En daar moet je bijbelvast als men is in die kringen altijd op een mogelijke herhaling bedacht zijn. De Lutherse brandweer steunt meer op Genesis 1 alwaar de Geest van Eeuwige zweefde over de wateren (meervoud) En dat meervoud willen ze bij de Lutherse brandweer weten. Ik herinner mij van alweer heel lang geleden dat Rino – docent natuurkunde – het principe uitlegde van de Jan-van-der-Heijden. De Jan-van-der-Heijden steunt op het principe van de ononderbroken straal, een briljante vondst. In RK kringen begreep men daar helemaal niets van. Die lieden dachten dat het sloeg op het blussen van libidineuze binnenbrandjes bij vrouwen. En daar is wat nodeloos afgefikt in die kringen met alle procreatieve gevolgen van dien. Rino absent. Van deze plaats van harte beterschap.

Wim mocht hem vervangen. Of Wim daar gelukkig mee was? Ik weet het niet. Hij stond wat minder, dat minder werd een pion en toen dat toreneindspel. Wim ging door zijn vlag tenslotte. Ik stond toch al verloren, aldus Wim. Eerst zijn vrije zaterdag en dan dit. Wat heet verloren in de onderbond? Maar ja die vlag.

Gijs schatte ik in op een remise. Hij stond wellicht iets minder. Ik sta wat te praten buiten de fluisterzone met Arend-Jan van Meerwijk een oud-HMC er. Arend-Jan herinner ik mij nog uit de tijd dat wij in de Wederkomstkerk speelden. Voor de jonge buitenkerkelijke lezertjes (en wie is dat tegenwoordig niet) in de naam van die kerk is begrepen dat een joodse jongen met een vergriekste naam Jezus na zijn heengaan beloofde eens te zullen terugkeren. Je moet dat niet verwarren met die dikzak die onlangs op een donderdag avond in Amersfoort met veel vibrato en een randstadarticulatie de slachtoffer uithing. Die dikke mag van velen wegblijven. Het was trouwens toen een bijzondere avond. Ik zag toen ook nog de Heilige Vader alias de Witte Reus uit Vaticaanstad mantelzorg verlenen. Sympathieke man, hij waste voeten. Ik dacht een ogenblik als hij nu maar niet billetjes gaat wassen en pamperen. Dat is zo verdacht heb ik van de commissie Deetman begrepen. En inderdaad hij hield het bij die voeten. De mededeling van de omroeper dat de mensen thuis al hun voeten hadden gewassen, vond ik een beetje flauw. Een Theo Koomen had ongetwijfeld tenenkaas gezien en stinkpoten geroken. Goed, ik kom terug in de zaal, ga bij Gijs staan. Ik zie zijn tegenstander met enig afgrijzen naar de stelling kijken. Hij deed mij denken aan een spichtig meisje van amper 16 die al jaren tevergeefs om borsten bidt. Gijs was, wat mij bij een eerdere beschouwing onmogelijk leek, op de g-lijn een pion tot een dame aan het verbouwen. Zo werd de  stand van 4 – 2 in ons voordeel.

En dat gaf een lichtelijk sensationeel gevoel. Eindelijk eens naar behoren presteren. Echter de partij van Leon was gelardeerd met Emmenthaler motieven. Ik dacht voor zover ik dit kan beoordelen dat zijn tegenstander de meeste gaten had en derhalve. De man was echter voor geen gat te vangen. Waar Gijs langs de g-lijn zijn voordeel haalde, daar zag ik bij Leon een batterij zwaar materiaal binnenkomen. En zo kromp onze oorsprong tot 1 punt.

Derk-Jan tenslotte verdedigde Siciliaans of iets wat daar op moet lijken. Ik heb het niet zo op dat Sicilië. Pythagoras heeft er gewoond, nou ja hij heeft daar meer gevangen gezeten. Het is Arabisch geweest. Momenteel wordt de dienst uitgemaakt door de maffia, of de vrouwen van de maffiosi. Een paar jaar geleden hebben een aantal vrouwen een oud vuurtje opgerakeld. De uitvaartbranche was er goed mee. Derk-Jan werd geconfronteerd  met zo’n woest wijf in wording op de d-lijn.  Het leek zo op ’t oog allemaal houdbaar. Even later kon Derk-Jan’s koning zo naar Marokko en werd de stand 4 – 4.

Tot slot ik heb begrepen dat De Rochade met een ½ bordpunt verschil bij gelijk aantal matchpunten kampioen is geworden. Derk-Jan is van mening en ik ben het roerend met hem eens dat de heren van Rochade ons minstens elk een chocoladebol van bakkerij Jan de Groot verschuldigd zijn. Wij hebben de grootste nederlaag tegen hen geleden en concurrent De Stukkenjagers op 4 – 4 gehouden.

T De Stukkenjagers 4 1805 HMC Calder 3 1811 4 4
1. Carel van Alphen 1712 Willem Blankert 1914 ½ ½
2. Erik van Ingen 1831 Derk-Jan Morelis 1801 1 0
3. Guus Vermeulen 1801 Chiel Koster 1795 ½ ½
4. Ivar Heine 1875 Leon ter Beek 1851 1 0
5. Joost op ‘t Hoog 1856 Wim van Oostrum 1797 1 0
6. Jean-Marie Wildeboer Schut 1906 Gijs van Breukelen 1853 0 1
7. Jan Otten 1711 Bert Kramer 1704 0 1
8. Christiaan Beukema 1750 Cees Nuijten 1772 0 1

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>