Eindelijk winst voor het 3e team

Wederom kwamen we met een gehavende opstelling opdagen voor de 3e ronde tegen Almere 3. Alsof de duvel er mee speelt waren Leon en Derk-Jan alweer verhinderd. Deze beide cracks zijn dit wedstrijdseizoen nog niet voor het 3e in actie kunnen komen. De verwachtingen zijn hoog gespannen voor de resterende wedstrijden wanneer ze ongetwijfeld van leer zullen gaan trekken! Als invallers traden op Henk Mollema en jeugdspeler Tommy van Doorn aan bord 7 en 8.

Op de voorgrond: Cees, Koos en Bert in actie.


Henk doet verslag van hun beider partijen: “Ik speelde met zwart en kreeg Spaans over me heen. Ik lokte mijn tegenstander in het Marshall gambiet, maar hij ging daar niet volledig in mee. Op zet 8 sloeg hij niet met zijn toren mijn e pion, maar speelde hij d4. Ik had het gevoel dat de partij zich in mijn voordeel ontwikkelde. Ik beging echter de fout om mijn witveldige loper eerst naar b7 en daarna naar a8 te spelen. Deze loper heeft de hele partij niet meer meegedaan, omdat hij tegen een eigen pion op c6 aankeek. Toch wist ik te winnen. Ik kreeg mijn dame op e5 en toren op e8. Dat bleek dodelijk te zijn, temeer daar mijn tegenstander een blunder maakte. Ook zonder die blunder stond ik beter. Na de blunder gemaakt te hebben, gaf mijn tegenstander meteen op.

Naast mij zag ik Tommy van Doorn. Aanvankelijk zette hij zijn partij goed op en koos vanaf het begin de aanval. Bij het aanvallen vergat hij zijn koning veilig te stellen. Dat werd hem noodlottig.”
Opvallend was dat aan 3 borden de cavalerie de doorslag gaf in de partij.

Theo aan bord 5 wist met een ijzersterk paard de winst te forceren.
Bert verging het aan bord 4 minder goed: “Wat mijn partij betreft het volgende: Ik speelde met wit tegen ene van Dijk. Er kwam een Pirc verdediging op het bord. Mijn kennis van zaken was van dien aard dat ik lang moest nadenken. Mijn tegenstander had meer parate kennis in huis. Het verschil in tijd liep al snel op tot bijna een half uur. Ietwat deprimerend als je tegenstander bijna à tempo zijn zetten produceert. Dit terzijde. Naspelend bleek mij dat tot pakweg zet 14, 15 sprake was van enige boekkennis. Ik zal het jaartal maar niet vermelden. Wat volgde was wat mij betreft voorzichtig een weg zoeken, wellicht te voorzichtig. Op zet 32 produceerde ik grandioos geformuleerd een strategisch zwakke zet. Dat grandioos slaat zoals je wel begrepen zult hebben op ‘strategisch’. De man kon ongehinderd zijn paard foutloos door mijn stelling laten draven. Dit concours hippique ( 7 zetten) is mij fataal geworden. De 40ste zet haalde ik nog wel maar de volgende was in een moeilijke stelling toereikend om al het hout in de openhaard te schuiven. Milieu freaks maken daar tegenwoordig ook al bezwaren tegen. Blijft staan de vraag: Waar moet je dan met je geestelijke constipatie heen? Op de huisartsenpost komen ze ook niet verder dan ‘ga maar een straatje om’ bij voorkeur zonder kroegen. Groet Bert Kramer.”

Evenals Eric aan bord 6: “ Ik moest met wit aantreden op bord 6, tegen Peter Alberts (1734), de op papier tweede hoogste rating van hun team . Ik kwam goed uit de opening kreeg veel ruimte en een sterk paard op e5, en drukte mijn tegenstander in de verdediging. Ik wist zowaar een kwaliteit te winnen. Maar mijn tegenstander had een sterke compensatie in de vorm van twee aanstormende paarden die oprukte naar mijn koningsvleugel. Al snel beheerste deze twee stukken het centrum en de koningsvleugel. Mijn enige kans die ik had moeten grijpen om de stelling niet te verliezen was om de kwaliteit terug te geven en in ieder geval zijn ijzersterke paard op f5 uit te schakelen. Maar ik dacht het allemaal onder controle te hebben en ging .
Verzuimde het paard te ruilen en ging voor de winst. Maar helaas maakte ik een lelijke blunder en liet een familieschaak toe wat dus toch een kwaliteit verloor. Hierna kwamen mijn stukken zodanig slecht te staan dat ik geen tegenspel meer had en kon ik alleen nog maar keepen. Toen moest ik ook nog toezien hoe zijn toren in mijn stelling binnen drong met allerlei dreigingen. Deze bleken niet meer te pareren en ik ging op de 32e zet ook nog eens door mijn vlag in een onhoudbare stelling.”
Aan de eerste 3 borden verliep alles naar wens.

Loek aan bord 1 leverde een degelijke partij af: “Als bijdrage voor het verslag kan ik vertellen dat ik een makkelijke middag heb gehad.
Met zwart tegen Johan Bertelkamp kreeg ik het Konings-indisch Flankspel tegen dat ik beantwoordde met het Spassky-systeem: 1.Pf3 d5 2.g3 c5 3.Lg2 Pc6 4.0-0
e5 5.d3 f6, waarmee ik al intern al meermalen van Bart v.d.Krogt heb gewonnen.
Feitelijk is dat het kansrijke Saimisch-systeem tegen het gewone Konings-indisch met één tempo minder. Met elke zet kwam ik beter te staan. Wit kon de koningsvleugel nog dicht schuiven, maar mijn overwicht op de damevleugel was zo groot dat het na dertig zetten uit was.”

Evenals Cees aan bord 2 die, ditmaal keurig met zijn tijd omgaand, halverwege zijn partij mij al zelfverzekerd toevertrouwde toe te kunnen gaan slaan met een winnende koningsaanval.

Zelf kwam ik met een Slavische verdediging enigszins slechter uit de opening hetgeen mijn tegenstander echter niet kon omzetten in beslissend voordeel. Integendeel toen ik in het middenspel met enkele actieve zetten onder de druk uit wist te komen snoepte de vijandelijke dame een vergiftigde pion op b7. En om met Loek te spreken: “het is al sinds mensenheugenis bekend dat je met de dame nooit een pion op b7 (of b2 met zwart) moet slaan zelfs al is het goed”. Gevolg was dan ook dat ik 4 zetten later won met een ondekbare mataanval van dame en toren over de 7e rij.

Eindstand 5 – 3 in ons voordeel.

Koos Hendriks.

Voor de foto´s van René zie zijn link.

Loek bij de analyse.

Tommy volgt aandachtig de analyse van Henks partij.

Theo, Eric, Henk en Tommy in actie.

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>